ECLI:NL:RBDHA:2023:18434
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening beëindiging tijdelijke bescherming Oekraïense derdelander
Verzoeker, een derdelander uit Oekraïne, had beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn tijdelijke bescherming te beëindigen per 4 september 2023. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening, waarbij werd overwogen dat het samenhangende beroep reeds ongegrond was verklaard.
Daarnaast stond vast dat verzoeker een asielaanvraag in Nederland had ingediend en de behandeling daarvan mocht afwachten. Gezien deze omstandigheden achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening of ordemaatregel niet langer noodzakelijk.
Het verzoek om de staatssecretaris te verbieden tot een zorgvuldige beoordeling van het beroep over te gaan, werd daarom afgewezen. Er werd ook geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter N.M. van Waterschoot en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de beëindiging van de tijdelijke bescherming is afgewezen.