ECLI:NL:RBDHA:2023:18477
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen beëindiging tijdelijke bescherming Oekraïense derdelander
Verzoeker, een derdelander uit Oekraïne, kreeg op 18 augustus 2023 bericht dat zijn recht op tijdelijke bescherming eindigt per 4 september 2023 en dat hij Nederland binnen vier weken moet verlaten en terugkeren naar Turkije. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening zodat hij het beroep kon afwachten.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 7 november 2023. Verweerder trok het terugkeerbesluit in, maar de rechtbank verklaarde het samenhangende beroep ongegrond. Er waren geen nieuwe omstandigheden die het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigden.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het samenhangende beroep ongegrond is verklaard en er geen nieuwe omstandigheden zijn.