ECLI:NL:RBDHA:2023:18549

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
1 december 2023
Publicatiedatum
1 december 2023
Zaaknummer
AWB 23-10139
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Richtlijn 2001/55/EGUitvoeringsbesluit (EU) 2022/382Art. 30c Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen beëindiging tijdelijke bescherming en buiten behandeling stellen asielaanvraag

Verzoeker, van Bengalese nationaliteit, maakte bezwaar tegen twee besluiten van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 23 augustus 2023: het beëindigen van zijn recht op tijdelijke bescherming en het buiten behandeling stellen van zijn asielaanvraag op grond van de Vreemdelingenwet 2000.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 23 november 2023, waarbij verzoeker niet is verschenen ondanks correcte uitnodiging. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.

De rechter verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot het treffen van een voorlopige voorziening. Het verzoek werd daarom afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter N.M. van Waterschoot en openbaar gemaakt op 1 december 2023. De zaak betrof toepassing van Richtlijn 2001/55/EG en het Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 betreffende tijdelijke bescherming bij massale toestroom van ontheemden.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het beëindigen van tijdelijke bescherming en het buiten behandeling stellen van de asielaanvraag is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 23/10139

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoeker

geboren op [datum] ,
van Bengalese nationaliteit,
V-nummer: [nummer] ,
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

(gemachtigde: mr. S. Azzaoui).

Inleiding

1. Bij besluit van 23 augustus 2023 heeft de staatssecretaris aan verzoeker medegedeeld dat zijn recht op tijdelijke bescherming, als bedoeld in Richtlijn 2001/55/EG [1] en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 [2] eindigt op 4 september 2023 (bestreden besluit 1).
1.1.
Bij besluit van eveneens 23 augustus 2023 heeft de staatssecretaris de asielaanvraag van eiser op grond van artikel 30c, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) buiten behandeling gesteld (bestreden besluit 2).
2. Verzoeker heeft beroep ingesteld ten deze besluiten en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het beroep is geregistreerd onder zaaknummer AWB 23/10138.
3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak AWB 23/10138, op 23 november 2023 op zitting behandeld. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker op de juiste wijze is uitgenodigd om op zitting te verschijnen en dat hij zonder bericht van verhindering niet is verschenen. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

4. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het samenhangende beroep van verzoeker en dat beroep ongegrond verklaard. De voorzieningenrechter ziet ook geen andere omstandigheden voor het treffen van een voorlopige voorziening en wijst het verzoek dan ook af.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.P. Kuiters, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
griffier
voorzieningenrechter
De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Richtlijn 2001/55/EG betreffende minimumnormen voor het verlenen van tijdelijke bescherming in geval van massale toestroom van ontheemden en maatregelen ter bevordering van een evenwicht tussen de inspanning van de lidstaten voor de opvang en het dragen van de consequenties van de opvang van deze personen.
2.Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van de Raad van 4 maart 2022 tot vaststelling van het bestaan van een massale toestroom van ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Pro de Richtlijn, en tot invoering van tijdelijke bescherming naar aanleiding daarvan.