Uitspraak
Rechtbank den haag
[erflater01], geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1976, overleden te [plaats01] op [datum overlijden01] 2022, hierna te noemen: erflater.
Rechtbank Den Haag
Erflater is in 2022 overleden zonder testament. Verzoeker, het enige kind en erfgenaam, heeft de nalatenschap beneficiair aanvaard op advies van een notariskantoor. Tot de nalatenschap behoort een appartement dat verzoeker op 24 augustus 2022 probeerde te betreden, maar werd verhinderd door derden die hem bedreigden, waarbij de politie moest ingrijpen.
Verzoeker vroeg vernietiging van zijn beneficiaire aanvaarding op grond van een analoge toepassing van artikel 4:190 lid 4 BW Pro, omdat de aanvaarding naar zijn mening tot onevenredig nadelige gevolgen leidde, mede door de bedreigingen. De rechtbank oordeelt dat artikel 4:190 lid 4 BW Pro geen ruimte biedt voor vernietiging op deze gronden en dat een analoge toepassing niet toewijsbaar is.
Desondanks acht de rechtbank de bedreigingen zo ernstig dat van verzoeker niet kan worden verlangd de nalatenschap zelf te vereffenen. Daarom wordt op verzoek van verzoeker een vereffenaar benoemd om de nalatenschap af te wikkelen. Het verzoek tot vernietiging wordt afgewezen, maar mr. A.C. de Bakker wordt benoemd tot vereffenaar.
Uitkomst: Het verzoek tot vernietiging van de beneficiaire aanvaarding wordt afgewezen en een vereffenaar wordt benoemd.