ECLI:NL:RBDHA:2023:18718
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken bezwaar of beroep
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit primaire besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De staatssecretaris heeft op 30 januari 2023 op het bezwaar beslist, waarna verzoeker een verzoek om voorlopige voorziening indiende. De voorzieningenrechter beoordeelde het verzoek zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechter overwoog dat een verzoek om voorlopige voorziening alleen mogelijk is als er een bezwaar of beroep aanhangig is. Nu het bezwaar is afgehandeld en er geen beroep is ingesteld binnen de termijn, is het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een aanhangig bezwaar of beroep.