ECLI:NL:RBDHA:2023:18766
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige voortzetting maatregel van bewaring en toekenning schadevergoeding
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is sinds 6 september 2023 onderworpen aan een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De rechtbank had eerder op 29 september 2023 het eerste beroep tegen deze maatregel ongegrond verklaard. In dit vervolgberoep richt eiser zich tegen het voortduren van de maatregel en vordert tevens schadevergoeding.
De rechtbank toetst of de maatregel sinds het sluiten van het vorige onderzoek op 22 september 2023 rechtmatig is voortgezet. Hierbij constateert zij dat het vooronderzoek niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van één week na ontvangst van het beroepschrift (ingediend op 16 oktober 2023) is gesloten, maar pas op 30 november 2023. Deze overschrijding is volledig aan de rechtbank toe te rekenen.
De rechtbank oordeelt dat hierdoor het recht van eiser op een spoedige rechterlijke beoordeling, zoals gewaarborgd in artikel 5 lid 4 EVRM Pro, is geschonden. Dit leidt tot de conclusie dat de voortzetting van de maatregel vanaf 24 oktober 2023 onrechtmatig is en beveelt onmiddellijke opheffing van de bewaring. De inhoudelijke toetsing van de periode tussen 22 september en 24 oktober 2023 levert geen aanleiding tot opheffing.
Daarnaast kent de rechtbank eiser een schadevergoeding toe van €3.700,- voor 37 dagen onrechtmatige vrijheidsontneming. Tevens worden de proceskosten van eiser vastgesteld op €837,- en toegewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank beveelt onmiddellijke opheffing van de maatregel van bewaring en kent een schadevergoeding van €3.700 toe wegens onrechtmatige voortzetting.