Eiseres diende op 11 februari 2023 een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid in het kader van nareis. De staatssecretaris besloot niet binnen de wettelijke termijn van 90 dagen, die met drie maanden was verlengd, op de aanvraag. Eiseres stelde de staatssecretaris op 3 september 2023 in gebreke en diende op 2 oktober 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de staatssecretaris de beslistermijn heeft overschreden en de ingebrekestelling rechtsgeldig was. De rechtbank sluit zich aan bij eerdere jurisprudentie waarin een overschrijding van de beslistermijn bij gezinshereniging als een bijzonder geval wordt beschouwd en stelt een nadere termijn voor het alsnog beslissen vast.
De staatssecretaris moet binnen acht weken na verzending van deze uitspraak een besluit nemen, tenzij nader onderzoek noodzakelijk is, dan geldt een termijn van twintig weken. Voor elke dag overschrijding van deze termijnen wordt een dwangsom van € 100,- opgelegd, met een maximum van € 7.500,-. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van eiseres.