ECLI:NL:RBDHA:2023:19030
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet bevestigd
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege medische en psychische klachten. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen op basis van een advies van het Bureau Medische Advisering (BMA), dat concludeerde dat eiseres in staat is te reizen en geen medische noodsituatie te verwachten is.
Eiseres betwistte de zorgvuldigheid van het BMA-advies, stellende dat haar psychische behandeling was onderbroken door een overplaatsing tussen asielzoekerscentra. De rechtbank oordeelde echter dat het BMA-advies zorgvuldig tot stand was gekomen en dat de informatie over de eerdere behandeling was meegenomen in de beoordeling. De rechtbank vond geen aanleiding om aan het advies te twijfelen.
De voorzieningenrechter verklaarde het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk omdat de rechtbank met deze uitspraak op het beroep beslist, waardoor geen bezwaar- of beroepsprocedure meer loopt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de proceskostenvergoeding af. Eiseres kan tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag tot uitstel van vertrek wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.