ECLI:NL:RBDHA:2023:19098
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheidsverdeling Duitsland
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft bij besluit van 19 juni 2023 deze aanvraag niet in behandeling genomen op grond van de verantwoordelijkheid van Duitsland voor de asielaanvraag. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd om overdracht te voorkomen totdat op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening zonder zitting behandeld en geoordeeld dat deze niet meer nodig is omdat op het beroep inmiddels uitspraak is gedaan. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter W. Anker en griffier A.S. Hamans en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op het beroep inmiddels uitspraak is gedaan.