ECLI:NL:RBDHA:2023:19312

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
21 november 2023
Publicatiedatum
11 december 2023
Zaaknummer
NL23.32560 en NL23.34695
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in Dublin-zaak over asielverblijfsvergunningen

Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen besluiten van de staatssecretaris die hun asielaanvragen niet in behandeling nam omdat België verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.

De voorzieningenrechter behandelde de verzoeken samen met verwante zaken op 14 november 2023, waarbij verzoekers niet verschenen waren en de staatssecretaris zich liet vertegenwoordigen.

Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak deed op de hoofdberoepen, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer nodig en wees de verzoeken af.

Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en de uitspraak is definitief, zonder mogelijkheid tot hoger beroep of verzet.

Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af omdat de hoofdberoepen reeds zijn behandeld.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht
zaaknummers: NL23.32560 en NL23.34695
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoekster], V-nummer: [V-nummer] ,
Mede namens de minderjarige kinderen:
[minderjarige 1] ,geboren op [geboortedatum] 2008,
[minderjarige 2] ,geboren op [geboortedatum] 2008, en
[verzoeker] ,V-nummer: [V-nummer] , gezamenlijk: verzoekers (gemachtigde: mr. F. Jansen),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, (gemachtigde: mr. H.J. Metselaar).

Procesverloop

Bij besluiten van 13 oktober 2023 en 2 november 2023 (de bestreden besluiten) heeft de staatssecretaris de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat België verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken, samen met de zaken NL23.32559 en NL23.34694, op 14 november 2023 op zitting behandeld. Verzoekers zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL23.32559 en NL23.34694, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van
K.F.K. Hoogbruin, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
21 november 2023

Documentcode: [documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.