Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 6 oktober 2023;
- het advies van de Raad voor de kinderbescherming van 16 november 2023.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2011, die gediagnosticeerd is met een autismespectrumstoornis en hechtingsstoornis. De minderjarige vertoont agressief gedrag en volgt geen onderwijs sinds enkele jaren. De moeder heeft eigen psychische problematiek en is niet in staat te voldoen aan de opvoedbehoeften van de minderjarige.
De kinderrechter constateert dat de ontwikkelingsbedreiging nog steeds aanwezig is en dat de intensieve begeleiding noodzakelijk blijft. De moeder is niet verschenen bij de zitting maar is correct opgeroepen. De minderjarige heeft geen mening gegeven over de verlenging. De gecertificeerde instelling motiveert het verzoek met het belang van continuering van de zorg en het starten van een behandeling die op het punt staat te beginnen.
De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria van artikel 1:255 BW Pro is voldaan en verlengt zowel de ondertoezichtstelling als de machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van een jaar. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden door tussenkomst van een advocaat.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige worden verlengd tot 2 december 2024.