ECLI:NL:RBDHA:2023:19520
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herberekening vaartoelage tijdens verlof voor Koninklijke Marechaussee medewerker
Eiser, werkzaam bij de Koninklijke Marechaussee op een kustwachtvaartuig, ontving geen vaartoelage over verlofuren in augustus 2022. Na bezwaar kende verweerder de vaartoelage alsnog toe, maar berekende deze op basis van een gemiddeld bedrag over de voorgaande twaalf maanden.
Eiser betoogde dat de feitelijk gemiste vaardiensten volledig vergoed moesten worden en dat het gehanteerde gemiddelde niet representatief was omdat eerdere loonstroken onvolledig waren. De rechtbank stelde vast dat de vaartoelage een intrinsiek onderdeel is van het loon en dat de gehanteerde berekeningswijze onvoldoende gemotiveerd was.
De rechtbank vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen waarbij rekening wordt gehouden met een correcte berekeningswijze, zowel voor de nabetaling als toekomstige betalingen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; verweerder moet de vaartoelage opnieuw berekenen en een nieuw besluit nemen.