ECLI:NL:RBDHA:2023:19667
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in Dublin-zaak over verblijfsvergunning asiel
Verzoeker, van Algerijnse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Zwitserland verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling van de asielaanvraag op grond van het Dublin-verdrag.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen. De zaak werd op 12 december 2023 behandeld in Groningen, waarbij beide partijen zich lieten vertegenwoordigen door gemachtigden.
De voorzieningenrechter verwees naar de uitspraak in een samenhangende zaak (NL23.33539) waarin het beroep ongegrond werd verklaard. Gezien het ontbreken van andere omstandigheden om een voorlopige voorziening te treffen, wees de rechter het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen.