ECLI:NL:RBDHA:2023:19813
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een referent. Verweerder heeft niet binnen de wettelijke beslistermijn van 90 dagen beslist, ondanks een verlenging met drie maanden, waardoor de uiterste beslisdatum op 15 augustus 2023 lag. Eiseres stelde verweerder rechtsgeldig in gebreke op 13 september 2023 en diende tijdig beroep in op 29 september 2023.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en dat verweerder binnen twintig weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Daarbij wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding, met een maximum van €7.500. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442 en in de proceskosten van eiseres ad €418,50. De rechtbank wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling definitief toe op basis van de financiële situatie van de referent.
De rechtbank motiveert de langere beslistermijn vanwege de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging met houders van asielvergunningen en verwijst naar eerdere jurisprudentie. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt op 14 december 2023.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twintig weken alsnog een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.