ECLI:NL:RBDHA:2023:20032
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijke bescherming van derdelander uit Oekraïne met Algerijnse nationaliteit
Eiser, een derdelander uit Oekraïne met Algerijnse nationaliteit, maakte bezwaar tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn tijdelijke bescherming te beëindigen per 4 september 2023 en hem te verplichten Nederland binnen vier weken te verlaten.
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep op 21 november 2023, waarbij eiser niet aanwezig was. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 30 oktober 2023 waarin is vastgesteld dat de staatssecretaris bevoegd is de tijdelijke bescherming voor de betreffende groep te beëindigen. De rechtbank ziet geen reden om hiervan af te wijken.
Eisers argumenten, waaronder verwijzing naar een uitspraak van de rechtbank Roermond, leiden niet tot een ander oordeel. De rechtbank concludeert dat de staatssecretaris terecht gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de tijdelijke bescherming wordt ongegrond verklaard.