ECLI:NL:RBDHA:2023:20037
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag transgender uit Moldavië wegens onvoldoende zwaarwegende discriminatie
Eiseres, een transgender vrouw met de Moldavische nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in, nadat eerdere aanvragen niet in behandeling werden genomen. Zij vreesde discriminatie vanwege haar transgenderidentiteit en afkomst uit Transnistrië, en vreesde ook militaire dienstplicht in Transnistrië. Verweerder achtte haar identiteit en discriminatie-ervaringen geloofwaardig, maar vond onvoldoende bewijs voor haar vrees voor dienstplicht en ernstige vervolging.
In beroep stelde eiseres dat zij naar eer en geweten had verklaard over omkoping door haar oom en haar vrees voor dienstplicht, en verwees zij naar bronnen over de positie van LHBTI-personen in Moldavië. De rechtbank oordeelde dat deze stellingen onvoldoende onderbouwd waren en dat de situatie in Moldavië, ondanks discriminatie en vooroordelen, niet onhoudbaar is voor transgenders. Er was geen bewijs dat eiseres geen bescherming van autoriteiten kan verwachten.
De rechtbank concludeerde dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij bij terugkeer ernstige discriminatie of schade zal ondervinden in de zin van het Vluchtelingenverdrag of artikel 3 EVRM Pro. De asielaanvraag is daarom terecht afgewezen en het beroep ongegrond verklaard. Verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de aanvraag afgewezen.