ECLI:NL:RBDHA:2023:20226
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel Frankrijk
Eiser, van Soedanese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in Nederland. De aanvraag werd niet in behandeling genomen omdat op grond van de Dublinverordening Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielaanvraag. Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk niet meer kan worden aangenomen vanwege problematische opvangomstandigheden en schendingen van rechten in Franse asielzoekerscentra.
De rechtbank oordeelde dat ondanks de erkende problemen in Frankrijk, deze niet zo ernstig en structureel zijn dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt. De aangevoerde landeninformatie en het arrest M.K. tegen Frankrijk betroffen specifieke situaties die niet direct van toepassing zijn op eiser. Ook de vrees van eiser voor terroristische groepen en het verlies van contact met zijn dochter werden onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank concludeerde dat Nederland terecht de asielaanvraag niet in behandeling neemt en dat overdracht aan Frankrijk niet in strijd is met internationale verplichtingen. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen omdat Frankrijk verantwoordelijk is.