ECLI:NL:RBDHA:2023:20253
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing afkoelingsperiode in besloten akkoordprocedure wegens staken activiteiten en faillissementsvoornemen
Verzoekster is op 18 september 2023 gestart met een besloten akkoordprocedure buiten faillissement door een startverklaring in te dienen. De rechtbank heeft op 29 september 2023 een afkoelingsperiode van drie maanden afgekondigd om de onderhandelingen over een akkoord te faciliteren.
Op 15 december 2023 verzocht verzoekster de opheffing van deze afkoelingsperiode omdat zij haar grootste leverancier verloor, die geen goederen meer wilde leveren zonder directe betaling. Verzoekster kon niet aan deze eis voldoen en is daardoor genoodzaakt haar activiteiten te staken. Gezien haar afhankelijkheid van deze leverancier en het ontbreken van alternatieven, acht zij het beter om failliet te worden verklaard en heeft zij de onderhandelingen over het akkoord gestaakt.
De rechtbank oordeelt dat niet langer wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 376 lid 1 en Pro 4 Faillissementswet en wijst het verzoek tot opheffing van de afkoelingsperiode toe met onmiddellijke ingang. De afkoelingsperiode wordt opgeheven, zodat verzoekster haar eigen faillissementsaanvraag kan indienen.
Uitkomst: De rechtbank heft de afkoelingsperiode op vanwege het staken van activiteiten en het voornemen tot eigen faillissementsaanvraag.