ECLI:NL:RBDHA:2023:20611
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig besluit verlening machtiging voorlopig verblijf nareis
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor eiseres en haar minderjarige kinderen. Verweerder had uiterlijk op 4 april 2023 moeten beslissen, maar heeft dit nagelaten. Eisers hebben verweerder rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep tijdig ingediend.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en dat sprake is van een bijzonder geval bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning. Daarom wordt een langere beslistermijn dan de standaard twee weken opgelegd. Verweerder krijgt twintig weken na verzending van deze uitspraak om alsnog een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €7.500 voor het overschrijden van deze termijn. Verweerder heeft reeds een bestuurlijke dwangsom van €1.442 verbeurd. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van €418,50 en tot vergoeding van het griffierecht van €184.
De rechtbank vernietigt het met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn alsnog te beslissen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twintig weken alsnog een besluit te nemen met oplegging van dwangsommen en vergoeding van kosten.