ECLI:NL:RBDHA:2023:20663
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na intrekking beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 1 mei 2020. Dit beroep is later ingetrokken, waarbij verzoeker tevens vergoeding van proceskosten heeft gevraagd.
De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris alsnog een beslissing heeft genomen tijdens het beroep, waardoor aan verzoeker gedeeltelijk is tegemoetgekomen. Op grond hiervan acht de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding gegrond.
De proceskosten worden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht, met toepassing van een lichte wegingsfactor vanwege het beperkte onderwerp van het beroep. Daarnaast moet de staatssecretaris het betaalde griffierecht van €181 vergoeden.
De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van deze kosten en maakt de uitspraak openbaar zonder mogelijkheid tot hoger beroep of verzet.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €418,50 en het griffierecht van €181 aan verzoeker.