Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is op 4 december 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel is opgelegd vanwege het risico dat eiser zich aan het toezicht op vreemdelingen zou onttrekken en het belang om gegevens te verkrijgen voor de beoordeling van zijn verblijfsvergunningaanvraag.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding ingediend. Hij betwist de gronden voor de bewaring niet, maar voert aan dat er geen redelijk zicht op uitzetting naar Marokko is en dat een lichter middel passend zou zijn, aangezien hij asiel heeft aangevraagd en bekend is bij de autoriteiten.
De rechtbank oordeelt dat het ontbreken van redelijk zicht op uitzetting geen vereiste is voor bewaring op grond van artikel 59b Vw, zoals bevestigd in jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Verder is voldoende gemotiveerd dat een lichter middel onvoldoende garantie biedt tegen onttrekking aan toezicht, mede omdat eiser niet wil terugkeren en asiel aanvraagt om tijd te rekken.
Ambtshalve toetsing leidt tot de conclusie dat de maatregel niet onrechtmatig is geweest gedurende de periode van het onderzoek. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.