Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Poolse vreemdeling, werd op 2 februari 2023 een maatregel van bewaring opgelegd wegens het risico dat hij zich aan het toezicht zou onttrekken. De maatregel werd gebaseerd op zware gronden, waaronder het onttrekken aan toezicht en het niet opvolgen van een vertrekbevel, en lichte gronden zoals het ontbreken van een vaste verblijfplaats en onvoldoende middelen van bestaan.
Eiser betwistte deze gronden, stellende dat hij niet op de hoogte was van de afwijzing van zijn aanvraag omdat zijn gemachtigde het verzoek om voorlopige voorziening niet tijdig had ingediend. De rechtbank oordeelde echter dat de afwijzing bekend was gemaakt aan de gemachtigde en dat het niet tijdig reageren voor rekening en risico van eiser komt.
De rechtbank vond de motivering van verweerder voldoende en concludeerde dat geen lichter middel effectief was om het risico op ontduiking van toezicht te voorkomen. Ook de medische omstandigheden van eiser werden meegewogen, waarbij werd vastgesteld dat adequate zorg in het detentiecentrum aanwezig is.
De ambtshalve toetsing leidde niet tot een oordeel van onrechtmatigheid van de maatregel. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Verweerder hoeft geen proceskosten te betalen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.