Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoekster], verzoekster V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Beslissing
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 837,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin haar aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd was afgewezen. Dit verzoek werd samen met een andere zaak op 27 juni 2023 behandeld.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet nodig is omdat in de bodemzaak het beroep van verzoekster gegrond is verklaard. Hierdoor wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Daarnaast is de Staatssecretaris veroordeeld tot het betalen van de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op € 837,- op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Dit bedrag betreft de kosten voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en Staatssecretaris veroordeeld in proceskosten van € 837,-.