Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V nummer]
Procesverloop
Overwegingen
.De termijn om te beslissen op zijn aanvraag was daarom nog niet verstreken toen hij de ingebrekestelling indiende bij verweerder. De ingebrekestelling is
Rechtbank Den Haag
Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft een beroep van eiser tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Eiser had een ingebrekestelling ingediend bij de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, omdat deze niet binnen de reguliere termijn had beslist.
De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig was en heeft het onderzoek gesloten zonder zitting. De kern van het geschil is of de ingebrekestelling tijdig was ingediend, zodat het beroep ontvankelijk kon worden verklaard.
Sinds 27 september 2022 is een besluit (WBV 2022/22) van kracht dat de beslistermijn voor asielaanvragen die nog niet verstreken waren op die datum met negen maanden verlengt. De aanvraag van eiser viel onder dit besluit, waardoor de beslistermijn nog niet was verstreken toen de ingebrekestelling werd ingediend. Hierdoor was de ingebrekestelling prematuur en voldeed deze niet aan de voorwaarden voor beroep op grond van niet tijdig beslissen.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier D.A.M. Delger op 11 september 2023.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ingebrekestelling prematuur was ingediend.