Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Lichter middel
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is op 4 oktober 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft tegen het voortduren van deze maatregel beroep ingesteld en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank heeft de rechtmatigheid van de maatregel eerder beoordeeld en achtte deze toen rechtmatig tot het sluiten van het onderzoek. De beoordeling richt zich nu op de periode daarna. Eiser stelde dat een lichter middel volstaat, mede omdat hij bij zijn zus kan verblijven en zijn asielaanvraag is afgewezen, maar hij nog een verblijfsaanvraag voor humanitair niet-tijdelijk verblijf heeft lopen.
De rechtbank oordeelt dat zolang de voorlopige voorziening op het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag niet is toegekend, eiser geen procedureel rechtmatig verblijf heeft. De verlenging van de bewaring is gebaseerd op artikel 59b, derde lid, Vw, en blijft daarmee gerechtvaardigd. De enkele stelling dat verblijf bij zijn zus mogelijk is, is onvoldoende voor een lichter middel. De belangenafweging leidt niet tot opheffing van de bewaring.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.