Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Albanese nationaliteit, werd op 17 december 2022 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Tegen dit besluit stelde hij beroep in, tevens als verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige bewaring. De maatregel werd op 29 december 2022 opgeheven.
De rechtbank beoordeelde of de tenuitvoerlegging van de bewaring onrechtmatig was. Eiser bestreed de gronden van de bewaring niet, maar stelde dat hij niet adequaat de mogelijkheid had gekregen om vrijwillig terug te keren naar Albanië, zoals bedoeld in artikel 59 lid 3 Vw Pro. De rechtbank oordeelde dat eiser aanvankelijk verklaarde niet uitgezet te willen worden en naar Duitsland wilde vertrekken voor werk, waardoor geen sprake was van een concrete vertrekwens.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel niet onrechtmatig was en dat het beroep ongegrond is. Het verzoek om schadevergoeding werd daarom ook afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring en het verzoek om schadevergoeding worden afgewezen.