ECLI:NL:RBDHA:2023:22057
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure
Verzoeker, van Algerijnse nationaliteit, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 10 november 2023 werd afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 18 december 2023, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet verschenen waren, maar de gemachtigde van verweerder wel aanwezig was. Omdat de hoofdzaak (zaaknummer NL23.35818) reeds op dezelfde dag werd behandeld en uitspraak werd gedaan, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter B. Fijnheer en griffier S.C. Hak op 22 december 2023 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.