Eiser, geboren in 1992, diende in januari 2022 een laattijdige aanvraag in voor een Wajong-uitkering. Het UWV wees deze aanvraag in april 2022 af en verklaarde het bezwaar in november 2022 ongegrond. Eiser voerde aan dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was, mede door zijn beperkingen als gevolg van ASS en ADD, waardoor hij geen basale werknemersvaardigheden bezit.
De rechtbank stelde vast dat de primaire verzekeringsarts en de verzekeringsarts b&b dezelfde feiten anders beoordeelden, waarbij de verzekeringsarts b&b niet inging op belangrijke medische verklaringen en observaties. Dit leidde tot een onvoldoende inzichtelijke ommezwaai in het oordeel.
De rechtbank oordeelde dat zij zich daardoor niet voldoende voorgelicht achtte om tot een definitief oordeel te komen en besloot een bestuurlijke lus toe te passen. Het UWV krijgt de opdracht om binnen tien weken het motiveringsgebrek te herstellen, waarna eiser de gelegenheid krijgt te reageren. De zaak wordt aangehouden tot de einduitspraak.