Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
wordtde toetsing aan controle door een rechterlijke autoriteit onderworpen.” Het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ) heeft in het arrest van 8 november 2022 [1] geoordeeld dat de Uniewetgever vereist, zonder uitzondering, dat de ‘bevoegde autoriteit’ met redelijke tussenpozen de rechtmatigheid van de voortduring van de maatregel toetst. [2] In dit geval is de DT&V de bevoegde autoriteit. De DT&V moet de voortduring van de maatregel dus met redelijke tussenpozen toetsen. Uit de bewoording van artikel 15, derde lid, van de Terugkeerrichtlijn volgt verder dat in het geval van een lange periode de toetsing aan controle door een rechterlijke autoriteit moet worden onderworpen.