ECLI:NL:RBDHA:2023:2311
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na vertrek vreemdeling
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een vreemdeling tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De asielaanvraag was op 25 november 2022 afgewezen als kennelijk ongegrond, met een vertrektermijn en inreisverbod.
Op de zitting op 24 februari 2023 was de gemachtigde van eiser aanwezig, maar eiser zelf verscheen niet. De gemachtigde verklaarde geen contact meer te hebben met eiser sinds een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in februari 2022 en wist niet waar eiser verbleef.
De rechtbank onderzocht of eiser nog procesbelang had. Uit vaste rechtspraak volgt dat een vreemdeling die met onbekende bestemming vertrekt en geen contact onderhoudt met zijn gemachtigde, geen belang meer heeft bij de procedure. Aangezien eiser sinds november 2021 is vertrokken en geen contact meer heeft onderhouden, concludeerde de rechtbank dat het beroep niet-ontvankelijk is.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen een week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep van eiser is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na vertrek met onbekende bestemming.