Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 1.674,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar deze is niet in behandeling genomen omdat Bulgarije verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 10 januari 2023. Na uitspraak in de bodemzaak bleek een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk, waardoor het verzoek werd afgewezen.
Wel werd de Staatssecretaris veroordeeld tot betaling van proceskosten aan verzoeker, vastgesteld op € 1.674,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht, te betalen aan de rechtsbijstandverlener vanwege de verleende toevoeging.
De uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg en uitgesproken in het openbaar op 17 januari 2023. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de Staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 1.674,-.