ECLI:NL:RBDHA:2023:2405
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielprocedure wegens verantwoordelijkheid Oostenrijk
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen, omdat Oostenrijk verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een soortgelijke zaak (NL23.1265) en verklaarde het beroep in die zaak ongegrond. Op basis hiervan werd het verzoek om een voorlopige voorziening in deze zaak eveneens afgewezen.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter en griffier en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat Oostenrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.