ECLI:NL:RBDHA:2023:2422

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 maart 2023
Publicatiedatum
2 maart 2023
Zaaknummer
AWB 22/2017
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 AwbAlgemene wet bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit

Verzoeker heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot uitzetting. Tevens heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om de uitzetting op te schorten totdat op het beroep is beslist. De voorzieningenrechter heeft het hoofdberoep ongegrond verklaard, waardoor geen reden bestaat om een voorlopige voorziening te treffen.

De beslissing is genomen op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter J.Y.B. Jansen en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open, waarmee de afwijzing definitief is. De zaak betreft bestuursrechtelijke procedures rondom vreemdelingenrecht en uitzettingsbesluiten.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het uitzettingsbesluit wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 22/2017

uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 maart 2023 in de zaak tussen

[naam] , verzoeker,

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. N.B. Swart),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij beroepschrift van 31 maart 2022 heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank tegen het besluit van verweerder van 29 maart 2022. Dit beroep is geregistreerd onder zaaknummer AWB 22/2016.
Bij verzoekschrift van 31 maart 2022 heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat uitzetting achterwege wordt gelaten tot op het beroep is beslist.
Bij uitspraak van heden is het connexe beroep ongegrond verklaard.

Overwegingen

1. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb [1] uitspraak zonder zitting.
2. Aangezien het beroep met zaaknummer AWB 22/2016 bij uitspraak van vandaag ongegrond is verklaard, bestaat er geen aanleiding een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.Y.B. Jansen, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. van Wijk, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
griffier voorzieningenrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Algemene wet bestuursrecht