Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 837,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling werd genomen omdat Italië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling van de aanvraag.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 17 januari 2023, waarbij verzoeker niet aanwezig was, werd het verzoek samen met een gerelateerde zaak behandeld.
De voorzieningenrechter besloot dat vanwege de uitspraak in de bodemzaak de voorlopige voorziening niet meer nodig was en wees het verzoek af. Wel veroordeelde de voorzieningenrechter de verweerder tot betaling van de door verzoeker gemaakte proceskosten, vastgesteld op € 837,-, te betalen aan de rechtsbijstandverlener vanwege de verleende toevoeging.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen en verweerder is veroordeeld tot betaling van € 837,- aan proceskosten.