ECLI:NL:RBDHA:2023:2452
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Boerlage - van den Bosch
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ongewenstverklaring en beëindiging verblijfsrecht EU-onderdaan wegens ernstige bedreiging samenleving
Eiser, een Poolse EU-onderdaan, is herhaaldelijk veroordeeld voor diverse strafbare feiten waaronder diefstal en verboden wapenbezit. Tevens is hem een ISD-maatregel opgelegd vanwege stelselmatige daderschap. De staatssecretaris beëindigde het verblijfsrecht van eiser en verklaarde hem ongewenst vanwege een actuele, werkelijke en ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving.
De rechtbank beoordeelde het beroep van eiser tegen deze besluiten. Zij stelde vast dat eiser geen belang heeft bij het beroep tegen de beëindiging van het verblijfsrecht zolang de ongewenstverklaring van kracht is. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende en deugdelijk heeft gemotiveerd dat het gedrag van eiser een ernstige bedreiging vormt, mede gelet op de recidive, de aard van de feiten en de opgelegde ISD-maatregel.
Eisers argumenten dat de ISD-maatregel een verkapte straf is en dat hij inmiddels een vriendin heeft en niet meer verslaafd is, werden niet voldoende onderbouwd. Ook werd het beroep over het gelijkheidsbeginsel en de hoorplicht verworpen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de ongewenstverklaring ongegrond en het beroep tegen de beëindiging van het verblijfsrecht niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongewenstverklaring is ongegrond en het beroep tegen de beëindiging van het verblijfsrecht niet-ontvankelijk verklaard.