ECLI:NL:RBDHA:2023:2506

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 februari 2023
Publicatiedatum
3 maart 2023
Zaaknummer
NL22.13919, NL22.13920, NL22.13921, NL22.13922 en NL22.13923
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroepen niet-ontvankelijk wegens vertrek asielzoekers met onbekende bestemming

Eisers hebben beroep ingesteld tegen vijf afzonderlijke besluiten van 23 juni 2022 waarin hun aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure zijn afgewezen. Tijdens de zitting op 16 februari 2023 verschenen eisers en hun gemachtigde niet, ondanks uitnodiging.

De rechtbank beoordeelt ambtshalve de ontvankelijkheid van de beroepen. Op basis van jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geldt dat als een vreemdeling die asiel heeft aangevraagd met onbekende bestemming vertrekt zonder contact te onderhouden, wordt aangenomen dat hij geen prijs meer stelt op bescherming.

De gemachtigde van eisers heeft gemeld dat er al vijf maanden geen contact mogelijk is met eisers. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers heeft bevestigd dat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken en niet zijn verschenen bij vertrekgesprekken. Daarom oordeelt de rechtbank dat de beroepen niet-ontvankelijk zijn wegens gebrek aan procesbelang. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL22.13919, NL22.13920, NL22.13921, NL22.13922 en NL22.13923

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen

[Naam 1], eiser 1, V-nummer: [Nummer 1]

[Naam 2], eiseres 1, V-nummer: [Nummer 2]
mede namens hun minderjarige dochter
[Naam 3]
[Naam 4], eiser 2, V-nummer: [Nummer 4]
[Naam 5], eiseres 2, V-nummer: [Nummer 5]
[Naam 6], eiseres 3, V-nummer: [Nummer 6]
hierna gezamenlijk te noemen: eisers
(gemachtigde: mr. J.J.J. Jansen),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigden: mr. C.J. Ohrtmann en mr. I. Vugs).

ProcesverloopBij vijf afzonderlijke besluiten van 23 juni 2022 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van eisers om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.

Eisers hebben beroep ingesteld tegen de bestreden besluiten.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft de beroepen op 16 februari 2023 op zitting behandeld. Eisers zijn niet verschenen. De gemachtigde van eisers is met voorafgaand bericht niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. I. Vugs.

Overwegingen

1. De bestuursrechter moet ambtshalve (uit eigen beweging) de ontvankelijkheid van de beroepen beoordelen.
2. In de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 22 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:579, is het volgende geoordeeld. Als een vreemdeling die in Nederland asiel heeft aangevraagd met onbekende bestemming vertrekt zonder aan verweerder te laten weten waar hij verblijft, dient er in beginsel vanuit te worden gegaan dat die vreemdeling geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. Dit is slechts anders als een vreemdeling laat weten dat hij contact met zijn gemachtigde onderhoudt en dus nog prijs stelt op deze bescherming. Dit impliceert dat de gemachtigde weet dat een vreemdeling nog in Nederland verblijft, waar hij verblijft en met de vreemdeling contact heeft over de verdere voortgang van de procedure en de keuzes die in dit kader moeten worden gemaakt.
3. Bij berichten in de digitale dossiers van 15 februari 2023 heeft de gemachtigde van eisers meegedeeld gedurende ongeveer vijf maanden ondanks diverse pogingen geen contact meer te kunnen krijgen met eisers. Verweerder heeft ter zitting meegedeeld dat het Centraal Orgaan opvang asielzoekers hem heeft gemeld dat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken uit de opvang voor asielzoekers, dat eisers niet zijn verschenen bij de Dienst Terugkeer & Vertrek op hun vertrekgesprekken van 4 en 7 juli 2022 en dat hij niet weet waar eisers momenteel verblijven. Eisers hebben geen gevolg gegeven aan de uitnodiging van de rechtbank om ter zitting te verschijnen.
4. Gelet op het voorgaande zijn de beroepen niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.