Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een vreemdeling van Litouwse nationaliteit, is op 25 december 2022 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank behandelde het beroep op 23 januari 2023.
De rechtbank onderzocht of er sprake was van een gebrek in het voortraject, omdat het proces-verbaal van overname en ophouding (model M105) pas na de feitelijke ophouding was ondertekend. Dit werd echter niet als een gebrek beoordeeld, omdat het model tijdig aan het dossier was toegevoegd en eiser er kennis van kon nemen.
De gronden voor de maatregel van bewaring, waaronder risico op onttrekking aan toezicht en het belemmeren van uitzetting, werden niet betwist door eiser. De rechtbank oordeelde dat deze gronden voldoende waren om de maatregel te dragen.
Verder stelde eiser dat verweerder onvoldoende voortvarend was in de uitzetting en dat een lichter middel, zoals een meldplicht, passend zou zijn. De rechtbank vond de termijn tussen vluchtakkoord en geplande vlucht gerechtvaardigd en oordeelde dat een lichter middel niet doeltreffend zou zijn gezien de omstandigheden.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig was en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.