Eiser, een vreemdeling met de Marokkaanse nationaliteit, is op 22 februari 2023 de maatregel van bewaring opgelegd wegens risico op het onttrekken aan toezicht en onvoldoende medewerking aan identificatie en terugkeer. Eiser betwist de gronden van de maatregel niet, maar voert aan dat de maatregel in strijd is met het Unierecht en dat geen lichter middel is toegepast.
De rechtbank stelt vast dat eiser zijn medische klachten niet heeft onderbouwd, waardoor geen reden is om hiervan bij de maatregel rekening te houden. Ook is vastgesteld dat eiser niet in de gelegenheid is gesteld zijn paspoort te tonen, maar zijn broer wel, die dit niet heeft overlegd. Hierdoor is het aannemelijk dat eiser zich aan toezicht zal onttrekken, wat de maatregel rechtvaardigt.
De rechtbank beoordeelt ambtshalve de rechtmatigheid van de maatregel en constateert geen onregelmatigheden. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.