ECLI:NL:RBDHA:2023:3140
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing studiefinanciering wegens ontbreken migrerend werknemerschap bij stage
Eiser heeft een aanvraag voor studiefinanciering ingediend die door verweerder is afgewezen omdat eiser niet als migrerend werknemer kan worden aangemerkt. Eiser voerde aan dat zijn stage van april tot augustus 2021 kwalificeert als reële en daadwerkelijke arbeid, aangezien hij meer uren werkte dan de urennorm en een vergoeding ontving die hoger was dan de helft van de bijstandsnorm.
De rechtbank oordeelt dat de beleidsregel van toepassing is op arbeidsovereenkomsten en dat de stage, ondanks kenmerken van een arbeidsovereenkomst, primair in het belang van de opleiding is en daarom niet als arbeidsovereenkomst kan worden aangemerkt. Het ontbreken van loon en het doel van de stage wegen zwaarder dan de verrichte werkzaamheden en vergoeding.
Verder zijn er geen aanvullende feiten die de stage als reële en daadwerkelijke arbeid in loondienst kwalificeren. Het beroep van eiser wordt daarom ongegrond verklaard en verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden.
De uitspraak is gedaan door rechter A.M.H. van der Poort-Schoenmakers en griffier mr. J.F. Janmaat op 17 maart 2023. Eiser kan binnen zes weken in beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van studiefinanciering wordt ongegrond verklaard omdat de stage niet als reële en daadwerkelijke arbeid wordt aangemerkt.