Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten
De plaatsing is gebaseerd op de volgende indicatie(s):
Rechtbank Den Haag
De gedetineerde is sinds april 2022 in voorlopige hechtenis wegens ernstige verdenkingen, waaronder grootschalige drugshandel en betrokkenheid bij schietincidenten. Hij is geplaatst op de GVM-lijst in de hoogste categorie vanwege het risico op ontsnapping en liquidatie.
De gedetineerde betwist het vluchtgevaar en liquidatierisico en stelt dat hij niet tot de top van een crimineel samenwerkingsverband behoort, geen onbeperkte financiële middelen heeft en geen gepantserde voertuigen bezit. Tevens wijst hij op de impact van de status op zijn contact met zijn mentaal kwetsbare dochter.
De rechtbank oordeelt dat het Operationeel Overleg (OO) in redelijkheid tot de conclusie kon komen dat het risico op ontsnapping en liquidatie actueel is. De gedetineerde heeft onvoldoende feiten aangevoerd om dit te weerleggen. De rechtbank benadrukt dat de GVM-status niet automatisch leidt tot minder toezichtmaatregelen en dat de PI al rekening houdt met zijn persoonlijke situatie. De vordering wordt afgewezen en de gedetineerde wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot verlaging van de GVM-status af vanwege het reële risico op ontsnapping en liquidatie.