ECLI:NL:RBDHA:2023:3616
Rechtbank Den Haag
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens Dublin-verantwoordelijkheid Italië
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen. De reden daarvoor was dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag, conform de Dublin-verordening.
Tegen dit besluit heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 14 maart 2023 behandeld, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde zonder kennisgeving niet zijn verschenen.
De rechtbank heeft op dezelfde dag uitspraak gedaan over het beroep (zaaknummer NL23.4156), waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter J.L. Boxum en griffier S. Derks, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep reeds is behandeld en beslist.