ECLI:NL:RBDHA:2023:3715
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in Dublin-procedure asielaanvraag
Verzoeker, een Libanese nationaliteit hebbende asielzoeker, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Frankrijk volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit en tegelijkertijd een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 13 maart 2023 behandeld in Groningen, waarbij verzoeker werd bijgestaan door een gemachtigde en een tolk aanwezig was.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de hoofdzaak (zaaknummer NL23.2667) is behandeld, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is en heeft het verzoek daarom afgewezen. Er is ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.