ECLI:NL:RBDHA:2023:3727
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod overlevering aan Bulgarije ondanks beroep op artikel 8 EVRM
Eiseres is in Bulgarije veroordeeld tot een gevangenisstraf waarvan nog ruim twee jaar resteert. Op grond daarvan is een Europees Aanhoudingsbevel uitgevaardigd en heeft de IRK de overlevering aan Bulgarije toegestaan. Eiseres vordert in kort geding een verbod op deze overlevering, stellende dat dit in strijd is met haar rechten onder artikel 8 EVRM Pro vanwege haar familiebanden en haar gezondheidstoestand.
De rechtbank overweegt dat de IRK exclusief bevoegd is voor de behandeling van overleveringsverzoeken en dat deze procedure als een effectief rechtsmiddel geldt. Eiseres heeft haar bezwaren, waaronder haar medische situatie en detentieomstandigheden, reeds bij de IRK aan de orde gesteld. De IRK heeft op basis van garanties van de Bulgaarse autoriteiten geoordeeld dat overlevering verantwoord is.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek van eiseres neerkomt op een verkapt appel tegen de beslissing van de IRK, wat niet is toegestaan. Het beroep op artikel 8 EVRM Pro slaagt niet omdat de omstandigheden niet uitzonderlijk zijn en de zorg voor kleinkinderen niet als zwaarwegend wordt gezien. De vordering wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot verbod op overlevering aan Bulgarije wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.