ECLI:NL:RBDHA:2023:3946
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken van beroepsgronden in vreemdelingenzaak
Eiser, van Syrische nationaliteit, heeft op 28 april 2021 beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Volgens artikel 6:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet het beroepschrift de gronden van het beroep bevatten, waarop eiser zich niet heeft gehouden.
De rechtbank heeft eiser bij brief verzocht om binnen vier weken de ontbrekende gronden te herstellen. Eiser heeft hieraan geen gehoor gegeven. Vervolgens is nogmaals een herstelmogelijkheid geboden met een termijn van één week, maar ook daarop zijn geen gronden ingediend en is geen verontschuldiging gegeven.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk op grond van artikel 6:6 van Pro de Awb. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op basis van artikel 8:54 Awb Pro. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden ondanks herstelverzoeken.