ECLI:NL:RBDHA:2023:395
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde appartement en bezwaar tegen vaststelling belastingaanslagen
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn appartement, stellende dat de waarde te hoog is vastgesteld vanwege onder meer gedateerde voorzieningen, matige onderhoudstoestand, ligging nabij school en spoor, en het ontbreken van een parkeerplaats. Tevens stelde eiser dat verweerder niet alle relevante gegevens tijdig heeft verstrekt en dat de waardering niet correct is geïndexeerd.
Verweerder heeft de waarde bepaald met een waardematrix waarin vergelijkingsobjecten uit hetzelfde appartementencomplex zijn gebruikt, waarbij rekening is gehouden met verschillen in kwaliteit, ligging en het al dan niet hebben van een parkeerplaats. De rechtbank acht deze methode betrouwbaar en vindt dat verweerder voldoende rekening heeft gehouden met de door eiser aangevoerde omstandigheden.
De rechtbank verklaarde de nieuwe stellingen die eiser ter zitting naar voren bracht tardief, omdat deze eerder hadden kunnen worden ingebracht. Ook oordeelde de rechtbank dat verweerder niet verplicht was om bepaalde stukken voorafgaand aan de hoorzitting toe te zenden, en dat eiser geen gebruik had gemaakt van de mogelijkheid tot inzage.
Gelet op de overgelegde stukken en de toelichting van partijen concludeert de rechtbank dat de WOZ-waarde en de daarop gebaseerde aanslagen niet te hoog zijn vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en de daarop gebaseerde aanslagen wordt ongegrond verklaard.