ECLI:NL:RBDHA:2023:3968
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting tijdens bezwaarprocedure vreemdelingenrecht
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de afwijzing van haar aanvraag door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De voorzieningenrechter besloot het verzoek toe te wijzen en de uitzetting van verzoekster te verbieden tot vier weken na de beslissing op het bezwaar. De voorzieningenrechter baseerde zich op artikel 8:81 Awb Pro en de instemming van verweerder met het verzoek.
Het onderzoek ter zitting bleef achterwege en het verzoek werd op basis van de stukken behandeld. Verzoekster kreeg tevens vrijstelling van griffierecht en een proceskostenvergoeding toegekend van € 837,00, berekend volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak is gedaan door mr. M. Eversteijn en bekendgemaakt op 17 maart 2023. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting van verzoekster wordt verboden tot vier weken na beslissing op bezwaar.