ECLI:NL:RBDHA:2023:3977
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op bezwaar machtiging tot voorlopig verblijf
Eiseres, met de Syrische nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid van haar zoon met een verblijfsvergunning.
De rechtbank constateert dat verweerder herhaaldelijk het bezwaar ongegrond heeft verklaard, waarbij eerdere uitspraken van de rechtbank deze besluiten hebben vernietigd en verweerder heeft opgedragen opnieuw te beslissen. Ondanks deze opdrachten is er tot op heden geen nieuw besluit genomen.
Op grond van de Algemene wet bestuursrecht wordt het niet tijdig nemen van een besluit gelijkgesteld aan een besluit, en het beroep tegen deze niet-beslissing wordt gegrond verklaard. De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen en legt een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 bij overschrijding.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en het door eiseres betaalde griffierecht. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig nemen van een besluit vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twee weken een besluit te nemen, met oplegging van een dwangsom.