ECLI:NL:RBDHA:2023:3988
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag afgewezen wegens Dublinprocedure, beroep ongegrond verklaard
Eiser, een Tunesische asielzoeker, diende op 3 april 2022 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk was voor de behandeling. Nederland had een verzoek tot terugname aan Duitsland gedaan, dat werd geaccepteerd.
Eiser stelde dat hij niet correct was gehoord en niet de vereiste informatie had ontvangen, waaronder het niet uitreiken van de gemeenschappelijke brochure en het te laat ontvangen van het gehoorrapport. De rechtbank erkende een zorgvuldigheidsgebrek wegens het niet uitreiken van de brochure, maar paste artikel 6:22 Awb Pro toe omdat eiser niet concreet was benadeeld.
Verder oordeelde de rechtbank dat het gehoor 'bescherming EU' op 13 april 2022 voldeed aan de vereisten en dat een aanvullend gehoor niet noodzakelijk was. Het rapport van het gehoor was tijdig toegezonden samen met het voornemen, waarna eiser zijn zienswijze kon geven. Het beroep werd ongegrond verklaard, maar de staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1.674.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de staatssecretaris is veroordeeld in de proceskosten.