ECLI:NL:RBDHA:2023:3995
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit dragende persoon, heeft op 23 augustus 2022 asiel aangevraagd in Nederland. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft zijn aanvraag niet in behandeling genomen omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening, aangezien eiser in het bezit was van een Schengenvisum afgegeven door Frankrijk.
Eiser stelde dat hij vreest terug te keren naar Frankrijk vanwege mogelijke vervolging door personen uit Nigeria en vanwege zijn seksuele gerichtheid, die het verkrijgen van een verblijfsvergunning in Frankrijk bemoeilijkt. De rechtbank oordeelde echter dat eiser deze vrees onvoldoende heeft onderbouwd en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij Nederland mag uitgaan van de naleving van verdragsverplichtingen door Frankrijk.
De rechtbank concludeerde dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat Frankrijk zijn verplichtingen jegens hem niet nakomt en dat hij zich bij problemen tot de Franse autoriteiten kan wenden. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.