ECLI:NL:RBDHA:2023:4079
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen buiten behandeling stellen aanvraag uitstel van vertrek wegens onvolledige medische gegevens
Eiser heeft meerdere verzoeken ingediend om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Na eerdere medische adviezen van het Bureau Medische Advisering (BMA) werd een derde aanvraag ingediend, maar deze werd buiten behandeling gesteld omdat eiser niet de gevraagde aanvullende medische gegevens heeft verstrekt.
Verweerder stelde dat zonder de ontbrekende medische stukken geen advies van het BMA kon worden ingewonnen, waardoor de aanvraag niet kon worden beoordeeld. Eiser voerde aan dat zijn medische situatie (een dwarslaesie) niet van tijdelijke aard is en dat extra documentatie niets toevoegt, maar de rechtbank oordeelde dat het BMA een compleet medisch beeld nodig heeft, inclusief gegevens van behandelingen op pijn- en urologiepoliklinieken.
De rechtbank overwoog dat verweerder terecht heeft besloten de aanvraag niet te behandelen op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat de aanvraag onvolledig was. Ook het beroep op de hoorplicht werd verworpen omdat het horen van eiser geen ander besluit zou opleveren. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het buiten behandeling stellen van zijn aanvraag om uitstel van vertrek wordt ongegrond verklaard.